Het onbesproken IPv6-probleem

IPv6, er is al veel over gezegd en geschreven. Toch zijn veel kleinere ISP’s nog niet (voldoende) voorbereid op ‘het nieuwe internet’, zo blijkt uit recent onderzoek door RIPE NCC. En, waar tot nu toe niemand over heeft gerept, is het probleem dat toekomstige (content)bedrijven boven het hoofd hangt. Hoe zorgt een bedrijf dat over twee of drie jaar start ervoor dat de content ook toegankelijk is voor gebruikers van het ‘oude‘ IPv4-internet?

Oud en nieuw internet
In het kader van IPv6 spreekt men veel over ‘de overgang’ van internet naar IPv6. Zoals we allemaal weten, klopt dit technisch gezien niet. Met IPv6 wordt een tweede internet gebouwd naast het bestaande internet. En IPv4 en IPv6 kunnen niet met elkaar communiceren. Zolang een organisatie beide ‘talen’ spreekt, is er geen probleem. Maar, de IPv4-nummers raken op en over een aantal jaren kan een organisatie alleen IPv6-nummers verkrijgen. Een toekomstig bedrijf moet er dus nu al voor zorgen dat het zowel op het nieuwe als op het oude internet aanwezig kan zijn. Aanstaande contentbedrijven óf ISP’s bijvoorbeeld.

End-to-end no more
Eén van de mogelijke oplossingen voor dit probleem is IPv4-ruimte inkopen bij een derde partij of een derde partij de vertaalslag van IPv6 naar IPv4 laten doen. Dit is echter verre van ideaal, want hiermee komt één van de basisprincipes van internet – end-to-end –  te vervallen. Een contentbedrijf kan dan bijvoorbeeld niet meer onafhankelijk en direct aan de ‘eindgebruiker’ content leveren. Een ongewenste situatie naar mijn idee.

Percentage van de omzet
Ook makelaars in oude IP-adressen springen in het gat tussen het oude en nieuwe internet en bieden IPv4-nummers te koop aan. Natuurlijk geldt hier: hoeveel te meer de oude IP-nummers opraken, hoeveel te kostbaarder deze aangelegenheid wordt. Op dit moment wordt er al zo’n 17 dollar per IPv4-adres gevraagd. Die prijs zal in de toekomst waarschijnlijk alleen maar stijgen. Of, als een makelaar vermoedt dat een organisatie bijvoorbeeld hét nieuwe Facebook of Yahoo zal worden, zal hij bijvoorbeeld eerder een percentage van de omzet bedingen in plaats van een prijs per IP-adres.

Transfers
Tot slot is er sinds een aantal jaren nog een andere optie om toegang te verkrijgen tot het oude internet, waar nog niet veel mensen van op de hoogte zijn, namelijk: transfer. Dit is het overdragen van IP-adressen van één internetpartij aan een andere. De enige voorwaarde hierbij is wel dat de partij die de adressen wil overnemen zelf op zoek gaat naar een partij die zijn adressen van de hand wil doen. Voor een transfer kunnen organisaties terecht bij de partijen die van oudsher de IP-adressen uitgeven.

IPv4 in huis
Moraal van dit verhaal? ISP’s zorgt dat je er klaar voor bent! Voor IPv6, maar ook voor de behoefte van toekomstige bedrijven om ook op het oude internet aanwezig te zijn. Zorg dat je snel voldoende IPv4-nummers in huis haalt. Anders ben je afhankelijk van een derde partij, moet je een fortuin neerleggen of heb je het nakijken. En mocht je niet voldoende IPv4-nummers meer kunnen bemachtigen, dan is het onderbrengen van dataverkeer bij een datacenter nog een optie. Hier vindt veel interconnectie plaats en zijn dus veel netwerken aanwezig. Er is een grote groep partijen waarmee je direct een IPv4-verbinding kunt maken. Je zit dan dichtbij de bron, waardoor je niet afhankelijk bent van één leverancier.


Remco van Mook is director of Interconnection EMEA van Equinix en lid van de Executive Board van RIPE NCC. Binnen zijn werk houdt hij zich momenteel bezig met alle denkbare en ondenkbare aspecten van interconnectie tussen netwerken. Daarnaast is hij auteur van twee Request For Comments (RFC’s), houdt hij zich bezig met het vormen van internetadressenbeleid in Europa en is hij mede-oprichter van een datacenterbedrijf en een Internet Exchange.

Over Remco van Mook

Laatste artikelen