Verwachting: handel in IPv4

De RIPE NCC is afgelopen vrijdag door hun voorraad IPv4 heen geraakt. De wereldwijde voorraad bij IANA, waaruit de voorraad van RIPE NCC gevoed werd, was al in februari 2011 leeg. Dat betekent dat dat Europese bedrijven geen extra IPv4 adressen meer kunnen krijgen. Nieuwe en bestaande internetproviders kunnen nog een heel klein blokje adressen (een /22, ofwel 1024 adressen) krijgen. Daarmee kunnen de laatste apparaten die echt een eigen adres nodig hebben zoals servers en gateways nog aangesloten worden.

Dat betekent dat nieuwe internetaansluitingen bij gebruikers zometeen geen eigen IPv4 adres meer kunnen krijgen. Daar zijn simpelweg niet meer voldoende adressen voor. Verdergaande invoering van NAT zal helaas het gevolg zijn. Het gebruik van NAT binnen internetproviders zal er echter voor zorgen dat gebruikers minder mogelijkheden hebben. Omdat ze geen eigen adres meer hebben zal ook het draaien van een eigen server, het opzetten van bepaalde soorten VPN verbindingen en zaken als BitTorrent niet of nauwelijks meer mogelijk zijn.

De verwachting is dat er een handel zal ontstaan in IPv4 adressen. Enige tijd geleden heeft Microsoft al $11 per IPv4 adres betaald bij een overname. Nu er echt schaarste heerst zullen de prijzen waarschijnlijk nog veel verder oplopen. Hoe groot de markt in IPv4 adressen is en hoe lang er ongebruikte IPv4 adressen aangeboden zullen kunnen worden, is nog niet duidelijk. Dat zal de tijd moeten uitwijzen.

Natuurlijk wordt er al lang gepraat over invoering van IPv6 om al deze problemen te voorkomen. Die invoering zal nu flink versneld moeten worden, want bijna alle bedrijven lopen nog achter hiermee. IPv6 biedt de enige manier om een stabiel, flexibel en toekomstvast internet te hebben.

Gelukkig zijn er al providers die standaard IPv6 leveren aan hun klanten. De bekendste onder consumenten is natuurlijk XS4ALL, maar ook andere providers zijn druk bezig met de uitrol van IPv6. Ook datacenters bieden tegenwoordig IPv6 aan. De mogelijkheden om de problemen met IPv4 te vermijden zijn er. Nu moeten bedrijven er gebruik van gaan maken!


Sander Steffann is een internet specialist die zich specialiseert in IPv6. Sinds 1995 is hij al professioneel bezig met internet. Hij heeft IPv6-projecten gedaan op het gebied van testen en implementeren (onder andere Solcon en Reggefiber), IPv6-strategie (Rabobank) en trainingen (IPv6-Workshops, Avnet en RIPE NCC). Hij is sinds 2007 vicevoorzitter van de RIPE Address Policy Werkgroep, welke verantwoordelijk voor het vaststellen van het beleid omtrent de uitgifte van IP adressen in Europa, het Midden-Oosten en de voormalige Sovjet Unie. Tevens is hij medeoprichter en bestuurslid van Stichting IPv6 Nederland, opgericht om het bewustzijn van, de kennis over en de succesvolle implementatie van IPv6 te bevorderen.

Over Sander Steffann

Laatste artikelen