Netneutraliteit, filteren en keuzevrijheid

Nu de Senaat netneutraliteit definitief in de wet heeft opgenomen zonder de ‘SGP-uitzondering’, overwegen internetaanbieders Solcon en Kliksafe juridische stappen, zo schrijft Webwereld. Is dat terecht? En maken ze een kans?

In eerdere blogs heb ik al aangegeven een voorstander te zijn van een goed geformuleerde uitzondering die het mogelijk maakt dat de internettoegang op verzoek van de abonnee zelf wordt gefilterd. Mits de abonnee maar te allen tijd de mogelijkheid heeft om de filtermaatregel te doen opheffen zonder dat daardoor de tarieven zouden worden verhoogd, is er namelijk niets mis mee om de vrijheid aan abonnees te laten om óók te kunnen kiezen voor een gefilterde verbinding.

Filternet mag, mits echt in vrijheid gekozen
Dit blijkt ook expliciet uit de toelichting bij het wetsvoorstel:

“Ter vermijding van misverstanden benadrukken de indieners graag dat het is toegestaan om een internettoegangsdienst in combinatie met filtersoftware of -technologie, bijvoorbeeld voor «parental controls» of gefilterd internet voor religieuze gemeenschappen of scholen aan te bieden. Om te voorkomen dat het beginsel van netneutraliteit wordt omzeild, wordt benadrukt dat de levering, de kwaliteit of het tarief van de internettoegangsdienst niet afhankelijk mag zijn van of de filtersoftware of -technologie wordt toegepast. De abonnee moet dus de vrijheid hebben om de afgenomen internettoegangsdienst ook zonder de filtersoftware te gebruiken.”

Uit het artikel op Webwereld van afgelopen donderdag, blijkt dat Kliksafe directeur Ernst Jan Peters meent dat zelfs de vrijheid om de filtermaatregelen te allen tijde uit te kunnen schakelen een brug te ver zou zijn. Sommige van de klanten zou immers zelfs niet in de verleiding willen kunnen worden gebracht om de filters uit te zetten op een zwak moment. Even over de paradox heen stappend van de vrijheid willen hebben om een ander in staat te stellen om jou minder vrij te laten zijn en over de vraag of filters überhaupt wel geschikt zijn om tegen elke verleiding het hoofd te bieden, laat netneutraliteit zelfs ruimte voor deze, naar mag worden aangenomen, toch wat marginale groep gebruikers. (Maar toch, bescherming van het individu, daar was deze wet nou juist voor bedoeld!)

Uitdrukkelijke optie
Als er bij het aanvragen van het abonnement, dat tegenwoordig via een mooi elektronisch proces op de website gaat, maar duidelijk wordt gecommuniceerd dat het gefilterde internet een uitdrukkelijke optie is en dat er daarnaast eventueel nog een uitdrukkelijke optie is om de filtering gedurende periode x niet uit te kunnen zetten om niet in de verleiding te kunnen komen, zou dat prima moeten mogen. De abonnee heeft immers de perfecte vrijheid om de internettoegangsdienst ook zonder filtering te gebruiken, zonder dat er ook maar enige barrière wordt opgeworpen. Maar door actief een optie aan te vinken, mag de gebruiker er ook voor kiezen om onvrij te zijn en zich voor een actief aangevinkte periode te onderwerpen aan de filters van de aanbieder, zonder daar door lagere prijzen of andere voordelen toe gechanteerd te worden.

Liefst wel een ‘e-grond’
Wat mij betreft was het, zoals al aangegeven, juridisch zuiver geweest om een goed geformuleerde ‘e-grond’ in de wet te hebben staan, waaruit dit volgt. Nu moeten we het doen met de toelichting en dat dat mis kan gaan, blijkt al uit de reactie van de Minister. Alleen proxies en maatregelen op het niveau van de eindpunten zouden nog mogen en filtering in het netwerk niet. Dit is niet de meest wenselijke uitkomst. De contractvrijheid wordt verder ingeperkt dan strikt noodzakelijk, want mits aan de hierboven genoemde voorwaarden is voldaan, wat is er dan op tegen om de filtering op netwerkniveau uit te voeren in plaats van op applicatieniveau?

Liefst komt er dus alsnog gewoon een goed geformuleerde e-grond in de wet, bijvoorbeeld:

e) om uitvoering te geven aan een door de abonnee bewust en actief gekozen optie, die in het aanbod ook duidelijk als optie is vermeld en waarbij geen korting of ander voordeel wordt aangeboden in ruil voor het kiezen van de optie.

“bewust en actief” duidt erop dat bijvoorbeeld het vakje op de site niet vooraf aangevinkt mag staan en “geen korting of ander voordeel” houdt in dat de klant niet mag worden gechanteerd tot het afnemen van een ‘filternet’ optie.

Juridische stappen?
Solcon en Kliksafe beraden zich naar verluid op juridische stappen. Hoewel ik meen dat de wet nóg beter (ja sorry, WC-EEND) geformuleerd had kunnen worden, zie ik daar niet direct mogelijkheden. Toetsing aan de Nederlandse grondwet is bijvoorbeeld al niet mogelijk vanwege het nog altijd bestaande artikel 120 Grondwet en strijd met bijvoorbeeld artikel 10 EVRM zal meen ik pas aan de orde kunnen zijn als er ook daadwerkelijk gehandhaafd zou worden. Mits Solcom en Kliksafe voldoen aan het bovengenoemde, zie ik voor OPTA geen enkele noodzaak of prioriteit om handhavend op te treden tegen deze bedrijven, zelfs al zou de huidige formulering gehandhaafd blijven.


Matthijs van Bergen is juridisch adviseur bij ICTRecht. Hij is gespecialiseerd in telecommunicatierecht en met name de bewaarplicht, alsook grondrechten op internet.

Dit artikel verscheen eerder deze week op de blog van hostingrecht.nl

Over Matthijs van Bergen

Matthijs van Bergen is juridisch adviseur bij ICTRecht. Hij is gespecialiseerd in cloud en SaaS, contracten, telecom, digitale informatiebeveiliging en online grondrechten.