Datacenters koppelen en de stijgende vraag naar intranet

Colthead_ISP TodayWanneer het voor het eerst is genoemd valt niet meer te achterhalen. Maar dat iedere grotere datacenter exploitant meldt dat de eigen locaties onderling zijn verbonden is tegenwoordig meer de regel dan de uitzondering. Waar eerst nog sprake was van enkele locaties, vaak in een regio, zien we nu ook steeds vaker dat locaties verspreid over meerdere continenten worden gekoppeld.

Gevraagd naar de reden voor deze stap werd lang volstaan met de opmerking dat dit de klant wensen waren: hogere snelheid en meer uitwijkfaciliteiten. De komst van meer en vooral slimmere cloud toepassingen heeft deze ontwikkeling verder versneld. Het idee in meerdere datacenters te staan, die tientallen zo niet heel veel meer kilometers uit elkaar liggen kan tegenwoordig gewoon worden gerealiseerd. Voor aanbieders van deze services is het daarmee een vast bestanddeel van de portfolio geworden. Het is iets dat steeds verder wordt uitgebreid, waarbij opvallend genoeg de partijen wel steeds voor een eigen insteek kiezen. Sommigen kiezen ervoor de mogelijkheden van de eigen datacenters via extra glasverbindingen te upgraden. Andere beredeneren juist vanuit het eigen netwerk, het glasvezel dus, om verbeteringen door te voeren. Voorbeeld van de eerste groep is Equinix, dat met de Cloud Exchange de markt helpt accelereren. Van de partijen die vanuit glas beredeneren is Colt een voorbeeld.

In dat licht moet dan ook de melding worden gezien waarmee deze laatste partij, met eigen glas en eigen datacenters, gisteren om aandacht vroeg. Onder de naam DCnet worden binnenkort 48 Europese en 75 Aziatische datacenters uitgerust met nog meer bandbreedte. Als alle upgrades zijn doorgevoerd gaat het om wereldwijd 560 carrierneutrale DC’s. Alleen al dat laatste aantal geeft aan dat het Colt niet zo zeer gaat om de eigen DC’s, maar om de manier waarop zij zijn aangesloten op het eigen netwerk. Uit navraag bij Guy de Groot, verantwoordelijk voor network services, blijkt dat het gaat om een gefaseerde invoering. Logistiek zal het wel een uitdaging zijn in DC’s, die dus niet per definitie van Colt zijn, de veranderingen door te voeren. Maar de grootste verbetering die DCnet biedt ten opzichte van de huidige situatie is dat de feitelijke oplevering op klant niveau veel sneller kan worden gerealiseerd. Doordat Colt “op eigen rekening” begint met de upgrade kan extra capaciteit tot 10 Gbps – los van de vraag of het voor langere duur is of alleen voor een tijdelijke burst (denk aan streaming toepassingen of duplicatie processen) – er binnen vijf dagen zijn.

Vanuit de klant beredeneerd wordt daardoor de good old bottleneck die we levertijd noemen aangepakt. Maar er is nog een punt dat met DCnet wordt opgelost. Volgens de Groot is de toenemende zorg om veiligheid en integriteit van data en verkeer de grootste aanjagers van de uitrol van extra bandbreedte via eigen glasvezel. Strikt genomen zou je het aanbod een soort van intranet connectiviteit kunnen noemen. Daarop voortbordurend krijg je dan een heel rare vraag: wat stijgt sneller, de mondiale vraag naar intranet of naar internet bandbreedte?

Over Redactie ISP Today

ISP Today is het Nederlandstalige platform voor de Internet Service Providers in Nederland. We presenteren nieuws van redactionele kwaliteit met relevantie voor de Nederlandse ISP community. Internet Service Providers en met name de mensen daarachter staan centraal op ISP Today.